Stiekem dit, stiekem dat

Blog stiekem dit, stiekem dat

Sommige partners houden de ‘patiënt’ angstvallig in de gaten als hij weer thuis is. Bang dat er iets gebeurt, had de hartfalenverpleegkundige ons verteld. Ik deed mijn best om dat niet te doen.

Toezicht

Maar toch kon ik het niet laten. Nu mocht Vriend nog niet veel alleen zijn de eerste dagen, dus ik kon rustig m’n gang gaan. Zo moest wandelen onder ‘toezicht’.

We gingen samen naar buiten. De tijd hielden we bij. “13 minuten gewandeld met twee stops van een minuut”, schreef ik op in ons ziekenhuisboekje. We bouwden het op en liepen steeds vaker en langer.

Alleen douchen

Ook alleen douchen was nog niet verstandig. Dus wachtte ik, zittend op de wc-pot, en vroeg hem of hij draaierig werd van de warmte. Of hij geen zware benen had van het staan. Soms ging ik toch even rommelen in de kamer ernaast. “Roep me maar als er iets is.” Ik moest erop vertrouwen dat het gewoon goed ging.

Beweging

Hoewel ik mijn best deed om hem los te laten, betrapte ik me er toch op dat ik vond dat hij in huis niet te hard moest lopen. Had hij iets nodig? Dan stond ik op en haalde het. Maar soms liet ik ook expres zijn glas met drinken in de keuken staan. “Je hebt wel beweging nodig.”

Als hij naar de wc ging, luisterde ik stiekem of alles wel goed ging. Als ik wegging, moest hij me verzekeren dat hij geen rare capriolen ging uithalen.

Ik geef eerlijk toe dat ik bij thuiskomst weleens bang was dat ik hem ergens in huis gevloerd zou aantreffen.

Stofzuigen

In het begin vond Vriend het wel best, maar op een gegeven moment ging hij stiekem dingen ondernemen.

Kwam ik terug van boodschappen doen, zag het huis er opeens heel netjes uit. Ik zei niets en liet hem in de waan dat ik niet doorhad dat hij de stofzuiger had gepakt.

Ook was de was steeds vaker op miraculeuze wijze gedaan. De mand met hout voor de haard, vulde zichzelf aan. En Vriend deed net of hij nergens van wist.

Grenzen opzoeken

Ik vond het eigenlijk ook wel fijn om te zien dat hij nu, twee weken na zijn hartaanval, zelf zijn grenzen ging opzoeken. En blijkbaar wat meer vertrouwen kreeg in zijn doen en laten. Want zijn vertrouwen in zijn lichaam was hij niet kwijt. “Ik heb een sterk hart. Er gebeurt niets meer.”

Dus ging hij met een rugzak op boodschappen doen. Een tas sjouwen was namelijk nog te veel van het goede.

Normaal was hij binnen een half uur terug, nu was hij minstens een uur onderweg. “Lukt het allemaal wel?”, vroeg ik, blij als een hond als hij er weer was. “Ja hoor, ik loop gewoon heel langzaam en neem af en toe een pauze. Maar ik kom er wel.”

Ademhaling

De meeste angst had ik ’s nachts. Met slapen. De eerste nachten deed ik geen oog dicht. Ik verkeerde in een staat van opperste alertheid die alleen maar met zijn ademhaling te maken had. Deed stiekem het licht aan om te kijken of zijn borstkas nog op en neer ging. Vriend sliep ondertussen lekker door en draaide zich rustig nog eens om.

Nachtenlang werd ik meerdere keren wakker om te kijken of hij nog wel ademde. Zijn ademhaling was veranderd. Een adem, dan een lange tijd niets en dan kwam er weer één. “Eén, twee, drie, vier seconden…nog steeds stil. Joehoe, wanneer adem je weer?”, dacht ik terwijl ik naast hem lag.

Creepy

Vriend geloofde niet dat zijn ademhaling weleens stokte en vond dat ik ook gewoon lekker moest slapen. Dus nam ik zijn ademhaling stiekem op. “Wow, ben ik dat? Dat is wel creepy inderdaad. Maar je moet echt zelf meer gaan slapen hoor. Je ziet toch dat ik elke dag weer wakker word!?!”

Hartstukjes, geschreven door CillaHartstukjes wordt geschreven door Cilla, getrouwd met een hartpatiënt, tekstschrijver, (eind)redacteur, blogger en eigenaar van HoofdletterC. Ze is gek op dieren, eet ze dan ook niet en verwent haar twee katten.

Dit vind je misschien ook leuk...

1 reactie

  1. hans roskam zegt:

    Mooi om te ervaren dat de grens klaarblijkelijk ook nog steeds niet is bereikt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Social media & sharing icons powered by UltimatelySocial